Speelplezier in de praktijk

Eind vorig jaar was de laatste bijeenkomst van de VVE-cursus Speelplezier. Bianca Grooten en Sandra Snijders van Peuteropvang Klimmen namen deel aan de opfriscursus. Hierbij hun verslag:
‘Wij zijn in 2008 opgeleid in Speelplezier, inmiddels ruim 10 jaar geleden. Een opfriscursus was dus ook meer dan welkom. De basis is nog hetzelfde. Bij Speelplezier ligt nog steeds de nadruk op het spelenderwijs leren en ontdekken, elk kind op zijn/haar eigen niveau en zijn/haar eigen tempo. De ervaringen en leermomenten, het proces, zijn belangrijker dan het uiteindelijke eindproduct. Er is dan ook nog veel ruimte voor vrij spel; kinderen mogen zelf kiezen in welke hoeken ze spelen. Belangrijk is wel dat deze hoeken uitdaging bieden en aangepast worden aan het thema/seizoen.
Bijvoorbeeld: In de herfst liggen er in de exploratiebak, in de huishoek en in de bouwhoek herfstmaterialen, zodat er gevuld en geleegd kan worden.
Een vrachtwagen moet immers ook iets laden en weer lossen en in een lege pan is het niet leuk roeren. Bij het thema ‘Rijden Vliegen Varen’ wordt de winkel een bushalte waar de peuters kunnen in- en uitchecken. Tijdens het Sinterklaas thema wordt de huishoek een bakkerij waar de hulppieten pepernoten bakken. In het atelier worden de chocoladeletters en marsepein figuren gemaakt van klei. De winkel wordt omgetoverd tot het kasteel van Sinterklaas annex inpakkamer. De hoeken blijven hierdoor steeds afwisseling bieden en worden nooit saai.
We hebben in de coachmomenten weer nieuwe inspiratie opgedaan m.b.t. de inrichting van deze hoeken. Tijdens het vrije spel observeren wij de peuters. Uit de manier waarop peuters spelen kun je veel afleiden en daar waar nodig ook gericht begeleiden. We spelen nog steeds voor (het voorbeeldspel, tafelspel of poppenspel) in de grote groep. De betrokkenheid van de peuters is groot. De poppen komen tot leven. Omdat het verhaal met concrete materialen wordt uitgebeeld, is het ook voor bijv. anderstalige peuters goed te volgen.

Nieuw zijn de speelplankaarten en de ‘woordclusters’. In de oude methode stonden de woorden vast. In de nieuwe methode wordt een groot aantal woorden aangeboden en zijn leidsters vrij om zelf een keuze te maken. Het is belangrijk dat de woorden een cluster vormen, bijv. wekken, wekker, wakker worden of roeien, roeispanen, duwen-trekken. Doordat er een verband is tussen deze woorden, worden ze gemakkelijk onthouden.
Bovendien kunnen we bij het aanbieden van nieuwe woorden rekening houden met het taalniveau van de peuters.
Na het voorbeeldspel, volgt dagelijks het net-alsof spel. Dat dit nu dagelijks gebeurt is nieuw. Het net-alsof spel is naast een beweegmoment (heel belangrijk) ook een zeer effectieve manier om nieuwe woorden te laten beklijven.
Een voorbeeld: We spelen dat we een vliegtuig zijn. We starten met uitgestrekte armen op onze hurken en we gaan opstijgen. We strekken ons al lopend uit en benoemen stijgen en vliegen een paar rondjes (lopend op onze tenen) en dan gaan we weer dalen. We gaan al lopend weer langzaam terug naar onze hurkpositie en dan zijn we geland.
Door dit een aantal keren te herhalen, kennen de peuters de woorden opstijgen, dalen en landen.

Tijdens de begeleide activiteiten gaat een leidster met een klein groepje aan de slag. Dit is niet nieuw. Belangrijk tijdens deze begeleide activiteit is het zogenaamde spiegelen. De leidster kijkt naar de peuter die naast haar zit, spiegelt wat de peuter doet en benoemt haar eigen handelen. Dat klinkt heel makkelijk, maar dat is het niet. We zijn als leidsters heel erg op de peuters gericht: “oh kijk eens, hij rolt een slang tijdens het kleien. Dat ga ik ook eens proberen.” Op het moment dat een peuter een slang rolt, begint de leidster ook te rollen en benoemt haar eigen handelen en spreekt haar verwondering uit als er door het rollen een slang ontstaat. Vervolgens zou de leidster de slang kunnen oprollen, ze benoemt dit en spreekt dan de verwondering uit als er een slak ontstaat. Ze voegt hiermee iets toe. Misschien doen de peuters haar na en maken ook een slak. Is dit niet het geval dan is het ook goed. Op deze manier blijft het spel ongedwongen en worden peuters niet overvraagd.

In grote lijnen is de methode nog steeds hetzelfde, met uitzondering van een aantal hierboven omschreven wijzigingen. Fijn ook dat er een aantal nieuwe thema’s zijn toegevoegd. De coachmomenten vinden wij heel leerzaam.
Al met al vinden wij Speelplezier nog steeds een hele leuke methode. We zien betrokken peuters, die dagelijks met plezier spelen en heel veel leren.

Reageren is niet mogelijk